|
 |
|
 |
| |
|
|
| |
|
|
VOETBAL |
| |
„Jij bent toch die Anshof, die stukjes schrijft op de site?“, vroeg mij afgelopen weekeinde en oogverblindend mooie vrouw in ons Clubhuis.
Stotterend door zoveel verblindheid keek ik haar met plotselinge oogklachten scheel aan en kon nog net een zacht en hees „jhhhaaa“ uitkramen.
„Dacht ik al! Ga eens een boek schrijven over chocoladerepen of zo, joh! Van Voetbal heb jij geen verstand!“ antwoordde ze in onvervalst ABN en met enkele extra decibellen.
Natuurlijk zei ik onmiddelijk heel alert „Uuuhhhh“ terug, maar ze had haar slanke rug al naar mij toegekeerd en wandelde koket weg richting de uitgang.
Verward poog ik mijzelve weer bij elkaar te grijpen, waarmee ik verbaasde blikken oogst van degenen die mij zien grijpen...
Ik doe wat elkeen zal doen: ik ga te biecht bij mijzelf. Da’s een hele harde confrontatie, ik weet het, maar het moest! En wat moet moet, toch?
Vraag 1 was, uiteraard: Was ze echt wel zo oogverblindend mooi?
Eerlijkheid gebiedt te concluderen dat ze dat (mooi) dus helemaal niet was, ik had gewoon een ernstig vuiltje in mijn oog (vandaar dat scheel kijken) en ze liep helemaal niet koket weg, maar kroket!
Vraag 2 ging over haar merkwaardige link met chocolade...
Was ze wellicht jalours op mijn choco-repen-smijtende moeder, met haar borsten vooruit al werpend richting Niek van Dommelen (zie een vorig bericht)? Ik denk het oprecht.
Ik besloot derhalve alras dat ik niet zoveel heb met mensen die veel te veel kroketten eten en ook nogeens jalours zijn op mijn moeder.
Blijft, helemaal los van de beschreven zaak, feit dat vrouwen nu eenmaal geen verstand van voetballen hebben.
Grosso modo, dan:
Natuurlijk uitgezonderd onze eigen fantastische vrouwen welke zich bij ons nu juist uitermate verdienstelijk maken als uitzonderingen op die regel: alle vrouwelijke leden van ons eigen OSC, haar teams van Dames en Meisjes en alle overalomheen zo actieve vrouwelijke trainsters en begeleidsters, organisatoorsters en noem het maar op!
Maar....: OSC is uitzonderlijk, ook daarin. Dat moeten wij in alle bescheidenheid breed glimlachend durven erkennen.
Ik ken persoonlijk dan ook beslist geen andere vereniging waarbinnen door een vrouw ooit iets zinnigs gezegd zou kunnen zijn omtrent Voetbal.
Dat kan je alleen in ONZE Vereniging meemaken. Mwhaaaa... af en toe, althans.....
Die kroket-tante met d’r dikke frikandel-speciaal-rug is dan ook vast geen OSC-ster!
Mannen, daarentegen, hebben vanuit hun eigen „masters-of-the-universe“-idee steevast enorm veel verstand van Voetbal. Zo ook ik, nederig scribent van uw colums. U weet nog niet half hoeveel, hoe enorm veel kennis van Voetbal is verscholen in deze jongen, geboren uit een geslacht van chocoladerepenwerpers.
Zo zal ik u uiteindelijk niet onthouden welke analyse ik zelf maak na onze wedstrijd (Eerste, uiteraard) van zondag 7 maart 2010 tegen koplopert Maliskamp: U mag mij citeren, u mag mij zelfs herhalen als waren het uw eigen(wijze) woorden. Er zit géén copyright op, ik gooi het volslagen vrij in de groep van Voetbalkenners die we nu eenmaal samen zijn.
In mijn analyse heb ik mij mede gebaseerd op spelers en trainer van de wederstandert en wat zij mij desgevraagd wisten te melden (waaronder vele woorden van drie letters welke voor herhaling volslagen ongeschikt zijn in dit verder keurige en enorm objectieve stuk text), dus ik heb mijn analyse uiterst goed voorbereid, opdat ge niet meent dat ik over een enkele nacht ijs moeilijk ga doen.... eh over één nacht ijs zou gaan.
Daar komt dan mijn analyse:
„Puntje gepakt van de koploper“. „Sterk en enthousiast OSC“. „Hard en goed gewerkt“.
Mijn Grote Voorganger Johannes Cruyffianus leerde mij alreeds vele jaren her om ook in de sub-commentaren vooral duidelijk te zijn, waardoor ik in de uitleg mijner analyse graag aldus toevoeg:
„Als je tot twee keer toe op voorsprong komt, weet je dus dat je op voorsprong kunt komen. Dat je dat teruggeeft is ook weer het snappen van je teruggeven. Beter is het om wel de voorsprong te doen maar te weigeren terug te geven, gewoon door te voetballen zonder dat je teruggeeft. Dat weten sommige voetballers nog niet, maar de trainers weten dat meestal toch wel, dus trainers zijn gewaarschuwd, en ik zeg het met belang, dat trainer vooral aandacht moeten geven aan de voorsprong en de achtersprong als het ware moeten trainen uit te sluiten, waardoor alleen de voorsprong brengt dat je een voorsprong hebt“.
Kan het helderder? Kan het subliemer onder woorden zijn gebracht, hetgeen onze jongens toch maar even op die mat hebben gezet? JA! ik weet het beter dus klik ik op deze zin voor mijn inbreng danwel Ik ben tevreden en wil dat laten merken: goed verhaal!
Peter Anshof van Gijn Reageer OF ga naar lijst eerdere columns (Schrijver is vaste columnist van OSC’45. Op positief/kritische wijze volgt hij van alles, natuurlijk voornamelijk zaken die OSC’45 betreffen of raken. Dat doet de columnist geheel los van de mening van andere OSC-ers en, uiteraard, geheel los van de mening van bestuurders. OSC’45 en haar bestuurders zijn niet verantwoordelijk voor hetgeen in de column wordt geschreven) |
|
| |
 |
|
|
|
 |
|
 |
|
|
| |
|
|